We zien dit keer op keer bij de bestuurders waarmee we werken: de payroll staat ergens in een sociaal secretariaat, de parameters zijn ingesteld bij de start van het bedrijf, en niemand heeft ze sindsdien systematisch nagelopen. Tot er een fout opduikt, een inspectie langskomt, of een medewerker vragen stelt over zijn loonbrief. In 2026 zijn er minstens vijf domeinen waar die parameters niet meer kloppen als je niets aanpast. Hieronder zetten we ze op een rij, met de concrete payroll-impact voor jouw bedrijf.

Wat verandert er in 2026 voor maaltijdcheques?

Vanaf 1 januari 2026 stijgt de maximale RSZ-vrijgestelde werkgeversbijdrage voor maaltijdcheques van €6,91 naar €8,91 per cheque. Tegelijk wordt de fiscale aftrekbaarheid voor de werkgever opgetrokken naar €4 per cheque, maar enkel als je effectief die maximale bijdrage van €8,91 betaalt. Betaal je minder, dan blijft de aftrek beperkt tot €2 per cheque.

Voor jouw payroll betekent dit: check vandaag nog welk bedrag er in je systeem staat. Veel bedrijven hebben bij de invoering van maaltijdcheques een werkgeversbijdrage ingesteld en die nooit herzien. Als je het fiscale voordeel wil benutten en RSZ-optimaal wil zitten, moet dat bedrag nu worden aangepast. Je sociaal secretariaat doet dit niet automatisch.

Worden flexi-jobs breder inzetbaar in 2026?

Ja, de verwachting is dat flexi-jobs vanaf 1 juli 2026 inzetbaar worden in vrijwel alle private en publieke sectoren, tenzij een sectorale cao dat uitsluit. Tegelijk stijgt het maximale jaarinkomen voor flexi-jobbers van €12.000 naar €18.000.

Daarnaast wijzigt de berekeningsbasis voor de bekende 150%-regel: de berekening zou voortaan vertrekken vanuit het basisloon, waarbij premies en toeslagen in principe buiten beschouwing blijven. Voor bedrijven die vandaag al met flexi-jobbers werken, of die dat willen doen, zijn dit drie zaken om tegelijk na te lopen: de sectorale toelaatbaarheid, de loonparameters in payroll, en de contracttypes die je gebruikt.

Flexi-jobs zijn voor veel KMO's een interessante manier om piekmomenten op te vangen zonder vaste aanwervingen. Maar de regelgeving is gedetailleerd, en een fout in de berekening of het contracttype leidt snel tot RSZ-problemen.

Wat verandert er aan vrijwillige overuren en relance-uren?

Het contingent vrijwillige overuren wordt in 2026 uitgebreid naar 360 uur per jaar, in de horeca zelfs naar 450 uur. Bovenop dat contingent kunnen werknemers met relance-uren nog eens 120 bijkomende vrijwillige overuren presteren.

Relance-uren hebben een specifiek fiscaal statuut: ze geven geen recht op een overloontoeslag, tellen niet mee voor de interne overurengrens, en worden behandeld volgens het principe "bruto is netto". Dat maakt ze interessant voor zowel werkgever als werknemer, maar het vraagt een correcte registratie en een payroll die dit onderscheid correct verwerkt.

Voor bestuurders die schommelende bezetting hebben, is dit een alternatief voor extra aanwervingen. Maar dan moet je tijdsregistratie en payroll op elkaar afgestemd zijn. Als die twee niet synchroon lopen, is de kans op fouten groot.

Wat is het versterkt terug-naar-werk-beleid en wat betekent het voor payroll?

Vanaf 1 januari 2026 treedt een versterkt terug-naar-werk-beleid in werking, zoals gepubliceerd door de Belgische overheid. Dit beleid legt meer nadruk op actieve re-integratie van langdurig zieke werknemers, met duidelijkere verplichtingen voor werkgevers rond opvolging en begeleiding.

Voor payroll betekent dit concreet: correcte verwerking van gewaarborgd loon tijdens ziekte, opvolging van de overgang naar mutualiteitsontwikkeling, en afstemming met re-integratieprocedures. Bedrijven zonder interne HR-opvolging missen hier vaak de stap van "medewerker is ziek" naar "wat zijn mijn verplichtingen als werkgever in België op dit moment?"

We merken bij onze klanten dat langdurig ziekteverzuim pas als payroll-probleem opduikt wanneer er een fout is gemaakt: te lang gewaarborgd loon uitbetaald, of net te vroeg gestopt. Een goede opvolging begint niet bij de boekhouder, maar bij een duidelijk HR-proces.

Loontransparantie: waarom je er nu al mee aan de slag moet

De Europese richtlijn inzake beloningstransparantie legt werkgevers meer verplichtingen op rond het rapporteren van lonen en het beantwoorden van vragen van werknemers over verloning. De omzetting in Belgisch recht is lopende, maar de richting is duidelijk: werknemers krijgen meer rechten om looninfo op te vragen, en werkgevers moeten kunnen aantonen dat ze objectieve looncriteria hanteren.

Voor een KMO zonder HR-afdeling klinkt dit abstract, maar de praktische gevolgen zijn concreet. Als een medewerker vraagt waarom zijn collega meer verdient, moet je een antwoord hebben dat steunt op functieclassificaties en loonbanden, niet op "dat is historisch zo gegroeid." Bedrijven die nu al hun loonstructuur documenteren, vermijden later een hoop problemen.

Wil je weten hoe je dit structureel aanpakt, ook als je geen voltijdse HR-medewerker hebt? Onze aanpak rond strategisch HR-beleid voor KMO's helpt je precies dat soort fundament te leggen, zonder dat je er een volledige HR-afdeling voor nodig hebt.

Wat moet je als werkgever nu concreet doen?

De wijzigingen in 2026 vragen geen grote ingreep, maar wel een gerichte check. Dit zijn de vijf punten die je voor eind juni moet hebben nagelopen:

  • Maaltijdcheques: staat de werkgeversbijdrage op €8,91 in je payroll? Zo niet, laat je sociaal secretariaat dit aanpassen en check de fiscale aftrekbaarheid.
  • Flexi-jobs: is je sector toegelaten? Zijn je contracttypes en loonparameters up-to-date? Klopt de berekeningsbasis voor de 150%-regel nog?
  • Overuren: registreer je vrijwillige overuren en relance-uren apart? Verwerkt je payroll het fiscale statuut van relance-uren correct?
  • Ziekte en re-integratie: heb je een proces voor langdurige afwezigheid? Weet je wanneer gewaarborgd loon stopt en wat daarna volgt?
  • Loontransparantie: heb je een overzicht van functieclassificaties, loonbanden en de criteria waarop je verloning baseert?

Als je op meer dan twee van deze vragen "nee" of "geen idee" antwoordt, is dit het moment om dat aan te pakken. Niet omdat er morgen een inspectie komt, maar omdat fouten in payroll zich opstapelen en later duurder uitkomen dan de correctie vandaag.

Voor meer context over de bredere wetswijzigingen die dit jaar op je afkomen, lees ook ons artikel over Belgische arbeidswetwijzigingen in 2026 voor internationale firms. En als je wil weten hoe je dit soort HR-vraagstukken structureel aanpakt zonder een voltijdse HR-medewerker, lees dan ook HR consultant inhuren of software: wat werkt beter in 2026?.

Vraag een gesprek aan met HRTH voor een gerichte doorlichting van je HR- en payroll-opzet zodat je voor de zomer weet waar je staat.

Frequently asked questions

Wat verandert er op 1 januari 2026 voor werkgevers in België?

Vanaf 1 januari 2026 stijgt de maximale RSZ-vrijgestelde werkgeversbijdrage voor maaltijdcheques naar €8,91, treedt het versterkt terug-naar-werk-beleid voor langdurig zieken in werking, en worden de regels rond vrijwillige overuren en relance-uren aangepast. Werkgevers moeten hun payroll-parameters, verzuimprocessen en overurenregistratie nakijken. Wie niets aanpast, riskeert fouten in de loonverwerking en RSZ-problemen.

Wat zijn de nieuwe regels voor maaltijdcheques in 2026?

De maximale werkgeversbijdrage voor maaltijdcheques die vrijgesteld is van RSZ-bijdragen stijgt van €6,91 naar €8,91 per cheque vanaf 1 januari 2026. Betaal je als werkgever die maximale bijdrage, dan stijgt ook de fiscale aftrekbaarheid naar €4 per cheque. Betaal je minder, dan blijft de aftrek beperkt tot €2. Controleer dus welk bedrag er momenteel in je payroll-systeem staat en pas dit aan indien nodig.

Wat verandert er in 2026 voor flexi-jobs?

Flexi-jobs worden naar verwachting vanaf 1 april 2026 inzetbaar in vrijwel alle private en publieke sectoren, tenzij een sectorale cao dit uitsluit. Het maximale jaarinkomen voor flexi-jobbers stijgt van €12.000 naar €18.000. Daarnaast wijzigt de berekeningsbasis voor de 150%-regel: premies en toeslagen tellen in principe niet meer mee. Werkgevers die flexi-jobbers inzetten, moeten hun contracten, loonparameters en sectorale toelaatbaarheid opnieuw laten nakijken.

Wat is het versterkt terug-naar-werk-beleid en wat moet ik als werkgever doen?

Het versterkt terug-naar-werk-beleid, van kracht vanaf 1 januari 2026, legt werkgevers meer verplichtingen op bij de re-integratie van langdurig zieke werknemers. Concreet betekent dit: actievere opvolging van afwezigheid, correcte verwerking van gewaarborgd loon, en afstemming met re-integratieprocedures. Bedrijven zonder intern HR-proces lopen het risico te lang of te kort gewaarborgd loon uit te betalen, wat leidt tot terugvorderingen of RSZ-problemen.

Wat is loontransparantie en geldt dat ook voor kleine bedrijven?

Loontransparantie vloeit voort uit een Europese richtlijn die werkgevers verplicht om objectieve looncriteria te hanteren en werknemers meer rechten geeft om looninfo op te vragen. De Belgische omzetting is lopende, maar de richting is duidelijk. Ook KMO's moeten kunnen aantonen waarom medewerkers een bepaald loon verdienen. Wie nu al functieclassificaties en loonbanden documenteert, staat sterker wanneer de regelgeving volledig van kracht wordt.

Heb ik een sociaal secretariaat of een HR-consultant nodig voor deze wijzigingen?

Een sociaal secretariaat verwerkt je lonen, maar past parameters niet automatisch aan en geeft geen proactief advies over wat er wijzigt. Een HR-consultant bekijkt het geheel: payroll-instellingen, contracttypes, arbeidsreglement, verzuimbeleid en loonstructuur. Voor bestuurders zonder interne HR is een externe HR-professional die tijdelijk of op afroep meewerkt vaak de meest efficiënte oplossing, zeker bij een reeks gelijktijdige wetswijzigingen zoals in 2026.

Sources

  • werk.belgie.be, 2026 — Officiële bekendmaking van het versterkt terug-naar-werk-beleid vanaf 1 januari 2026.